Vrijeschool

Vrijeschoolse Vraag op Vrijdag

Om taboeloos door de rijkdom van de wereld van Waldorf te wandelen, geef ik hier graag de ruimte om een lang gekoesterde wens van mij in vervulling te laten gaan. De Vrijeschoolse Vraag op Vrijdag is mijn jongste rubriek waarin leuke, interessante en gewaagde vragen gesteld worden aan de lezers van Waldorf Inspiration op social media. Ook onderaan deze pagina is ruimte om te reageren. Ik verheug me heel erg op jullie vlijtige bijdragen, meningen, nieuwe vragen en wens mij een open hart en oor voor de gedachte van de ander.

Op deze pagina zal ik de vragen en alle antwoorden die daarop komen verzamelen. Elke vrijdag komt een nieuwe vraag online en in de loop van de week verzamel ik hier de antwoorden. Kom dus af en toe even terug om al het nieuws te zien.

Leestips:
De meest gestelde vragen over de vrijeschool.
De vrijeschool - Weet waar je aan begint!
Antroposofie voor beginners

Ouderparticipatie

16 april 2021

Eerste klas vrijeschoolHoe belangrijk is de rol van ouders op de vrijeschool?

School en ouders hebben elkaar nodig om tot succesvol onderwijs te komen voor onze kinderen. Kind, school en ouders vormen op die manier een gouden driehoek.

Op vrijescholen is de participatie van ouders van groot belang. Behalve dat het de ontwikkeling van de kinderen ten goede komt, de school meer kan inspelen op de situatie thuis en ouders meer inzicht krijgen wat er op school gebeurt, zijn er gedurende het schooljaar geregeld activiteiten waar de hulp van ouders hard bij nodig is om echt vrijeschoolonderwijs mogelijk te maken. Denk daarbij aan bijvoorbeeld de jaarfeesten of de organisatie van een bazaar.

Tegenwoordig is het echter helemaal niet zo eenvoudig in onze drukke levens om werkelijk zo betrokken te zijn als we willen. En soms stellen we ons wel eens de vraag of onze hulp wel werkelijk nodig is. Veel van ons kennen wel die situatie op de ouderavonden waar gevraagd wordt wie interesse heeft om luizenmoeder of vader te worden. Hoe belangrijk vind jij de rol van ouders op een vrijeschool?

Lees ook: Veelgestelde vragen over de vrijeschool

Klik hier de antwoorden van lezers

“Dit hoort wat mij betreft absoluut bij het onderwijs van JOUW kind, niet perse alleen vrije school, naar mijn mening zou het op iedere school zo moeten zijn. Je wilt toch weten waar je kind mee bezig is en helpen waar kan (en hoeveel je kunt, dat is voor sommige meer en sommige minder). Maar ik vind dit dus wel een pluspunt van de vrije school en iets waar ik me serieus al op verheug, mijn dochtertje is nu 3 en zit op de vrije school kinderopvang en nu met Corona kan er minder geholpen worden. Maar deze mama deed een sprongetje van blijheid toen ik mijn eerste mamahuiswerk kreeg om een Palmpasenstok te maken.

“Ik vind dit aspect zo essentieel. Je hebt als ouder meer contact met de meester of met Juffie zodat dingen (goed of slecht) makkelijker te bespreken zijn. Je kent de kinderen waar jouw kind mee speelt vaak zodat zij zich ook gezien worden en ook makkelijker een praatje komen maken en dat is ook zo met alle ouders je kent elkaar beter voelt je vertrouwd met elkaar en met elkaars kinderen. Nu we door alle maatregelen veel niet kunnen doen merk ik dat het echt anders is minder verbonden. Hopelijk kunnen we snel weer.

“Soms ervaar ik het als wat ouderwets dat er van uit gegaan wordt dat je bv altijd bij een jaarfeest kunt zijn. Voor werkende moeders is dat niet altijd mogelijk. Ik werk ook op de poetsdagen bv. Maar dan vind ik het geen probleem om de gordijnen te wassen of zo.Ik werk dan ook nog op een plek waar ik ook jaarfeesten vier met kinderen dus dan is het ook waardevol dat ik daar ben. Aan de andere kant neem ik soms vrij om een dag bij een michaëlsfeest te kunnen helpen omdat ik daar ook van geniet. En thuis iets bakken of een andere bijdrage leveren is natuurlijk ook fijn. Ik merk dat ik het juist nu ook erg mis, dat delen in de schoolwereld waar mijn kinderen deels ook leven.

“Ik vind de aanwezigheid van ouders op school belangrijk. Zowel in mijn rol als ouder, als in mijn rol als leerkracht. Voor dingen zoals de jaarfeesten is het echt heel fijn om extra handen te hebben in de klas. Daarnaast vind ik het ook gezellig om ouders ook eens op een andere manier te spreken en samen iets leuks te kunnen verzorgen voor de klas. En bij mijn handwerklessen is ouderhulp echt ontzettend fijn. Ik heb nu handwerkoma’s die elke week kwamen helpen toen het nog kon en dat was echt ontzettend fijn. En als ouder vind ik het heerlijk om bij dat soort dagen betrokken te zijn in de klas van mijn kinderen. Gewoon, om te zien hoe het met hun gaat op zo’n dag en hoe de klas is. Je krijgt er als ouder meer inzicht van vind ik op hoe het gaat in de klas. Wie de kinderen zijn. Maar ik realiseer me ook dat het in de drukke agenda’s van ouders ook niet altijd kan. En sommige ouders zullen het ook niet willen. En dat staat ze uiteraard ook vrij.”

“Ik denk dat het belangrijk is dat ouders zich realiseren dat ze met hun keuze voor de vrijeschool ook kiezen om zich zeer betrokken op te stellen naar de school toe. Ik merk het tijdens mijn nu 4 jaar klassenouderschap in de kleuterklas dat dat nog wel eens als een verrassing kan komen voor nieuwe ouders. Dat ze zich niet bewust waren van het feit dat je 1 keer in de week de klas van je kind veegt, dat het fijn is als je iets bakt voor een jaarfeest of een markt, of eens iets uit de klas repareert. Dat je helpt bij het onderhoud van het groene schoolplein of een markt organiseert, in een kraampje van school staat, samen met je kind appelmoes maakt om te verkopen voor de vijfde klas die spaart voor haar schoolkamp… dat je iets maakt voor op de seizoenstafel in de klas of gewoon eens een mooie bloem of tak uit de tuin meeneemt voor in de klas. Dat je dennenappels verzamelt voor de zwierezwaaiers bij het Michaelsfeest, of de bedelaar speelt tijdens Sint Maarten. Dat je als ouder zélf het Sintcadeau voor je kind ‘maakt’ en de palmpaasstok in elkaar zet. Dat je meeloopt met de klas van je kind op wandeldag, soepgroenten meegeeft op soepdag en aanwezig bent bij de rondgangen bij Palmpasen, Sint Maarten en helpt met de spelletjes bij Sint Jan. Dat je boodschappen doet voor de jaarfeesten en samen met andere ouders de klas schoonmaakt voor de vakanties. En dan zijn er nog zoveel andere leuke dingen waar je je verder nog in kunt storten: klassenouder worden, spelen in het kerstspel, deelnemen aan de oudercursus, meezingen in het ouderkoor… Je kunt het zo ‘gek’ maken als je wilt, maar actief zijn in de basis is zo belangrijk om die gouden driehoek te sterken en dus van essentiële waarde voor het vrijeschoolonderwijs.

“Ik heb tijdens de meest recente lockdown samen met een andere ouder uit de klas een excelsheet gemaakt met daarin alle taken, boodschappen, deelname momenten opgesomd. Dit gaan we delen met nieuwe (en nu dan de huidige) ouders om ze vanaf het begin inzicht te geven in wat er allemaal moet gebeuren in een jaar en hoe we die ‘lasten’ het best met elkaar kunnen delen. Het maakt het ook makkelijker voor ze om op wat langere termijn een planning te maken. En als het uiteindelijk een betrokken opa of oma is die op hun oppasdag de veegbeurt op zich neemt is dat -denk ik- ook een oplossing waarmee de betrokkenheid van het thuisfront gewaarborgd kan zijn. Ik hoor wel eens dat er scholen zijn waarbij deze taken kunnen worden ‘afgekocht’, maar met afkopen van veegbeurten of schoonmaakdeelname sla je wat mij betreft de plank finaal mis.”

“Ik denk dat twee ouders met fulltime baan er over na moeten denken of het vrijeschoolonderwijs wel past. En dan kijken waar je prioriteit ligt en dan een passende keuze maken. En soms is er geen ruimte dingen aan te passen, zoals minder werken, maar dan weet je dus dat dat ‘consequenties’ heeft. Dit komt wat hard over misschien. Ik bedoel het ook niet streng maar wel dat ouders wat verder mogen kijken dan alleen het mooie plaatje of omdat de school populair is. En aan de andere kant dus dat scholen het zelf ook duidelijker uitdragen. En past het niet in je leven dat je dan ook kritisch kunt kijken of het voor jou wel de goede keuze is. Maar misschien is het belangrijkste nog wel dat je in gesprek blijft er over, want wat voor de een haalbaar is, is voor de ander misschien al teveel door omstandigheden. Datzelfde geldt voor bijvoorbeeld de ouderbijdrage. Maar dat is een mooi ander onderwerp.”

“Ik ben ook een moeder die voor deze verrassingen stond, door Corona waren er geen info avonden en heb ik op goed vertrouwen deze koers gevaren. En net als de nieuwe kindjes leren de ouders ook gaandeweg mee. Ik merk dat meer ouders even tijd nodig hebben om echt de Waldorf filosofie eigen te maken en er ‘in’ te komen. Maar wat ik zo gaaf vind, is dat alle ouders elkaar ook daarin helpen. Adviezen via de app, inspirerende gesprekken op het schoolplein en hulp wordt geboden voor de werkende ouders. Met Pasen heb ik extra eitjes gekookt bijvoorbeeld voor de ouders die klem liepen. Jouw (het bovenstaande) lijstje helpt mij ook weer om een diepere betekenis te vinden in het onderwijs. Het samen doen is toch prachtig ♡”

“Contactouder en 1000 andere dingen, altijd met veel liefde gedaan. Het was in een andere tijd dat wel. Veel moeders hadden nog geen fulltime baan. Het hoort zo bij vrijeschool onderwijs. Maar als ouder tegenwoordig is alle bordjes hoog houden best zwaar. Maar hoop dat ouders toch de tijd vinden.

“Het kind mag zich (vooral in die eerste jaren) gedragen voelen door de mensen om zich heen. En ik denk dat betrokkenheid bij de school als ouder daarom belangrijk is. Ik merk echt dat ik dat mis nu er minder kan. Net als dat je nu vaak een hele poos geen gezichtje kunt plaatsen bij nieuwe kindjes in de klas en dus ook die ouders niet kent. Dat vind ik jammer. Verder denk ik dat het per school verschilt maar dat bij een open dag of een kennismaking de school zich ook meer mag uitspreken over wat de keuze voor deze school voor moois met zich meebrengt en dit ook toelicht waarom dit zo is. Zo kan er bewuster gekozen worden en blijft de balans ook in de uitvoering van hand- en spandiensten. En soms is het juist aan school dat die verdeling in balans blijft en niet alles bij dezelfde ouders komt te liggen.

“Wat ik zelf, als ouder en inmiddels grootouder van een vrije schoolkind altijd heel erg heb gewaardeerd is dat door een actieve betrokkenheid van ouders bij het schoolleven er ook een groter geheel ontstaat waarin het zich laten ontwikkelen en laten opgroeien van kinderen een taak wordt van een groter geheel. De bedding van een mens in de gemeenschap wordt op deze manier ‘spelenderwijs’ vormgegeven. Ik heb ondanks mijn eigen drukke baan, zelf altijd met heel veel plezier meegedaan met alles wat er op de school gebeurde.

“Heel belangrijk, zodat de verbinding van ouders onder elkaar een muur vormt om de kinderen heen. De verbinding komt binnen deze aandacht tot stand. Met elkaar en voor elkaar.”

“Ik draag graag mijn steentje bij op de school van mijn kinderen. Op diverse vlakken wil ik mij graag betrokken voelen en helpen. En ik heb gemerkt dat het bieden van hulp op school een extra connectie geeft, meer inzicht biedt en zowel ouder, leerling als leraar elkaar beter leert kennen. Bij mijn zoon heb ik jaren geholpen en dat voelde voor mij heel goed. Door de huidige crisis zeer minimaal bij mijn jongste en ik merk zo duidelijk het verschil. Ik vind het zo ontzettend jammer allemaal.

“Ik werk zelf in het regulier middelbaar onderwijs. Mijn zoon zit op de middelbare vrijeschool. Wat een warm bad waarin wij het afgelopen jaar terecht kwamen. De eerste week met een kennismaking op het strand waarbij de ouders ook uitgenodigd waren. Meteen een praatje met de mentor, andere docenten en ouders. Het gevoel welkom te zijn. Maar ook tijdens online gesprekken. We hopen dat het sintjansfeest doorgang kan vinden. Ik ben er echt nieuwsgierig naar.
Het regulier onderwijs is in de richting van ouders veel afstandelijker. Hoe goed zou het zijn om het samen te doen?”

Sprookjes

9 april 2021

Baukje Exles sprookjes vrijeschoolZijn sprookjes goed voor het jonge kind?

Sprookjes zijn een belangrijk onderdeel van de vertelstof op de vrijeschool. In de kleuterklas worden bakersprookjes en eenvoudige sprookjes van Grimm verteld en in de eerste klas komt een rijk aanbod van sprookjes aan bod.

Maar tegenwoordig staan sprookjes niet alleen maarr in een positief daglicht. Veel mensen vinden sprookjes gruwelijk en niet geschikt voor kinderen. Sprookjes worden ook moralistisch, vrouwonvriendelijk genoemd en de versie van de gebroeders Grimm niet meer van deze tijd.

De vraag van deze vrijdag gaat over sprookjes. Zijn sprookjes in 2021 nog steeds voeding voor de ziel van het jonge kind in ontwikkeling?

Lees ook: Vertelstof van de vrijeschool en Verhalen en boeken voor de jaarfeesten.

Klik hier de antwoorden van lezers

Sprookjes vind ik geweldig. De verbeelding de fantasie maar ook de verborgen lessen. Heel eerlijk haal ik alle bloederige stukken die in de Grimm verhalen voorkomen er wel uit.

“8 jaar geleden werd ik voorgesteld aan mijn stiefkinderen. Opgelucht vertelde ze na afloop tegen hun vader dat ik er helemaal niet gemeen uit zag! En ik had ook geen wrat bij mijn neus. Ze waren 5 en 7 en er viel letterlijk een last van hun af.”

“Lees de Gita…het is een strijdtoneel. Toch was het de grote inspiratie voor s’werelds non-violence pionier…Waarom? Omdat het de beelden zijn die zo’n diepe werking hebben.Dat is met sprookjes beelden net zo.

“Er worden in de klassieke sprookjes vooral de archetypische kanten weergegeven die in ons allen besloten liggen en vanuit de ziel ook herkent worden. Het is daarin steeds een vertelling over de weg/ gang of pad die de mens heeft te gaan. Wellicht is het idee dat de ziel hier ‘anders’ naar luistert en hierin een meer onbewust proces aangaat. De sprookjes en vertellingen zijn daarin een wegwijzer en laten ook de schaduwzijde zien die wij allen in ons hebben. Kinderen pikken natuurlijk met hun persoonlijkheid dat op waar ze op aanhaken zo groot of zo klein. Hoe de ziel luistert is iets anders denk ik…..”

“Ik deel deze vragen…. en het valt me op dat er nog geen antwoord is gegeven. het lijkt erop dat er veel meer mensen zijn die vinden dat het wel mee geëvolueerd mag worden. En dat is ook niet zo gek: dit is beeldentaal wat paste bij een paar honderd jaar geleden. We zijn heel erg veranderd in de afgelopen periode. Sommige beelden komen nog wel overeen, maar anderen passen gewoon helemaal niet meer bij de huidige mens. Dat geldt al zo voor ons, laat staan voor deze kinderen! Ik denk dat júist omdat we als Vrije School ouders/opvoeders zo bewust zijn van de evolutie van ons als mensen, we ook de roep voelen om de verhalen mee te laten evolueren. Daar is m.i. niets mis mee. Sterker nog: ik denk dat het bijna een plicht is!”

“Bij sommige sprookjes begrijp ik de twijfels en vraagstukken. Zelf herinner ik me niet dat ik ze als kind vrouwonvriendelijk vond. Zo denkt een kind nog niet. Wreedheid herken je al wel, en angst natuurlijk ook. Of dat nou iets bijdraagt…of goed doet aan een kind, ik betwijfel het. Mijn favoriete sprookje waarin ik mezelf heel erg herken en dat mij moed geeft en blij maakt, is ‘het lelijke eendje’. Dat vind ik nou een bemoedigend sprookje.”

Wat een mooie vraag weer. Ik denk dat sprookjes door de rijke beelden en metaforen die doorwerken op het zielenniveau heel erg geschikt zijn voor jonge kinderen. Ze ontdekken er iets wezenlijks aan. Wel denk ik dat het goed is om de kinderen bewust daarnaast ook sprookjes te vertellen met meer diversiteit erin, dat kan een oud Russisch of Arabisch sprookje zijn maar ook bijvoorbeeld een verhaal uit het boek ‘bedtijdverhalen voor rebelse meisjes’. Op die manier leren kinderen en de innerlijke beelden kennen en de beelden die passen bij ons leven in het hier en nu.”

Ik pas ze meestal aan terwijl ik voorlees, maar het moraal blijft want dat vind ik het belangrijkste aan het sprookje. Er trouwen bij mij wel eens twee prinsen of twee prinsessen. Doe ik ook bij Jip en Janneke, dan draai ik de namen gewoon om.”

Ik vind sprookjes wel erg geschikt voor mijn dochtertje. Zelf vond ik het sprookje ‘Het meisje met de zwavelstookjes’ het mooist.

“Ooit heb ik Roodkapje op mijn schoot met strengen wol gespeeld. Een groen doek over mezelf was het bos en alle figuren ontstonden ter plekke…Dat vond ik toen mede zo bijzonder omdat het zo krachtig liet ervaren hoe iedere persoon in het sprookje een deelaspect van de ziel is. Zoveel ontwikkelingsprocessen, therapieën zijn hierop gebaseerd. In de fase van 6-7 zijn het deze sprookjesbeelden, ontwikkelingsgangen die diep werken, als zielenvoeding. voor het leven. Dit zijn woorden die ik schrijf, maar die ik zelf én in mijn gezin en werk ook diep heb leren ervaren en gebruiken. Hoe komt het dan dat bovenstaande vragen, terecht, ontstaan en kinderen beelden als fysiek realiteit gaan nemen? Kort gezegd zie ik daar twee oorzaken, de overdonderende overvloed aan fysieke beelden die die werking heeft, naast het feit dat de beeldentaal niet zomaar tot je komt. Waar moet je het vandaan halen om te begrijpen waar een ”opgeslokt worden door de wolf” voor staat? Een paar weken geleden had ik een ouder/leerkracht groep over computergebruik..met veel humor. Hoe ongelooflijk dankbaar ik ben voor alle mogelijkheden die het biedt, en daarnaast de verleiding en de klus om stiltemomenten en volledige concentratie te verzorgen…’s ochtends had ik Roodkapje verteld en de beschreven ontwikkelingsgang in beelden uiteengezet. Het beeld van Roodkapje die iedere keer weer mooiere bloemen ziet en ‘van het pad af raakt’ Ik kan de sprookjes alleen maar vertellen, omdat die diepere betekenissen in me gaan leven in de voorbereiding. Er staan wel 2 meter boeken in Nederlands, Duits en Engels over sprookjesduiding, met verschillende insteken, achtergronden enz. En dan nog…toen ik jaren geleden in werk met een gruwelijk incestverhaal me moest uiteenzetten, kon ik een bepaald sprookje niet meer vertellen, omdat ik de beelden niet levend kon maken, vastgeplakt aan realiteit. Dat is het andere wezenlijkste aspect vanuit de opvoeder. Als leerkracht is het mijn werk om op pad te gaan me daarin te verdiepen en kan/mag ik geen beelden vertellen als ik ze niet vanuit die dieptelaag begrijp…want dan worden ze fysiek…Als ouder heb je daar meestal niet de tijd én/of interesse in, en is het dus wezenlijk dat je die verhalen/sprookjes vertelt waarmee je je kunt verbinden. Beeldentaal zijn een van de aspecten die Waldorf tot Kunst kunnen ‘verheffen” Zou wel wensen dat in 100 scholen in Nederland in dit 100 jarig jubileum hier een ouderavond, workshop o.i.d. aan besteed zou worden. Ik had het voorrecht om een vertellersopleiding te volgen bij Margreet v d Heide, en Joop van Dam in de opleiding en later persoonlijk contact. In die mensen leefde deze diepte van de sprookjesbeelden en die waren in staat om ze in te zetten in hun werk, Joop als arts en opleider!”

“De Grimms brachten zelf wijzigingen aan in sprookjes o.a. de uitgepikte ogen in het sprookje van Assepoester. Onder invloed van patriarchalisering en dualistische moralisering, eigen aan hun tijd (1810 eerste uitgave sprookjes van Grimm), brachten de gebroeders Grimm zelf in de loop der tijd wijzigingen aan in sprookjes die het beeld van het sprookje gruwelijker maakten waarvan de vrouw de dupe werd. Je kunt dit aanpassing aan de119e-eeuwse moraal noemen. We leven echter niet meer in de 19e eeuw, maar in de 21e eeuw. We moeten dus deze gedateerde laag van het sprookje afhalen. Ik heb bv. altijd moeite gehad met de straf die beide stiefzusters van Assepoester kregen aan het eind van het sprookje. Ik veranderde dit dan zelf, omdat dit naar mijn gezond gevoel niet klopte en niet goed was om aan mijn kinderen te vertellen. In het sprookje Assepoester versie 1857, de laatste versie van de gebroeders Grimm staat: ”Toen de bruiloft met de koningszoon plaatsvond, kwamen de twee valse zusters, ze wilden in een goed blaadje komen en meedelen in haar geluk. Toen de bruidsstoet zich naar de kerk begaf, liep de oudste rechts en de jongste links van de bruid … daar pikten de duiven van elk een oog uit. En toen ze weer uit de kerk kwamen, pikten de duiven ieder het andere oog uit. Zo werden ze voor hun boosheid en valsheid voor het leven met blindheid gestraft. In het sprookje van Grimm versie 1812 staat evenwel: ‘Assepoester (…) plaatste haar voet in de oude schoen en drukte een klein beetje, waarna de voet als gegoten in de schoen zat. En toen ze omhoog kwam, zag ze de prins in het gezicht en toen herkende hij de mooie prinses en riep: ‘Dit is de goede bruid’. De stiefmoeder en de twee trotse zusters schrokken en werden bleek maar de prins voerde Assepoester mee en tilde haar in zijn wagen en toen zij door de poort reden, riepen de duiven: ‘Roekoe, roekoen; Geen bloed in de schoen; De voet is nu pluis; De ware bruid brengt hij nu naar huis.’ In de originele versie dus geen uitgepikte ogen bij de stiefzusters. Waarom vervalsten de gebroeders Grimm in 1857 het einde van het sprookje in duiven die vrouwen blind maken? Dit klopt niet. Het is vanuit de diepere betekenis van een sprookje sowieso niet juist het huwelijk te verstoren met dit soort gruwelijke beelden. Bron verandering tekst Assepoester: ‘Weg met de boze heks en de slechte stiefmoeder’ van Annine van der Meer.”

“Waarom toch die neiging om kinderen te behoeden voor de gruwelen die ook bij het leven horen?”

“Mijn ervaring: Wel vertellen, maar met weinig intonatie. De gruwelijkheden op dezelfde toon als ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’. En voor jezelf: lees boeken over de achtergronden, de betekenissen achter de sprookjesbeelden, dan vertelt het een stuk makkelijker en voel je je, wellicht, minder bezwaard.”

“In het ‘Handbuch Waldorfpaedagogik und Erziehungswissenschaft’ een lijvig werk over het vrijeschoolonderwijs in de 21e eeuw, dat onder leiding van Jost Schieren, professor vrijschoolpedagogiek, 2 jaar geleden is verschenen, staat het volgende: “Veel wat op dit moment in de vrijeschoolwereld wordt getoond is weliswaar stevig ingeburgerd, kan echter zeker niet onvoorwaardelijk op Rudolf Steiner worden teruggevoerd. Bij het constateren van dergelijke verrassende traditielijnen ontstaat meer en meer de indruk dat de vijeschoolpedagogiek van begin af aan absoluut niet vaststond en al helemaal niet door Steiner is gefixeerd. Eerder komt het idee van permanente ontwikkeling naar voren, die per se nooit afgesloten kan en mag zijn.’ Wat ik bij Grimmsprookjes in de vrijeschoolwereld zie is dat de sprookjes die hier verteld worden bevroren zijn, gefixeerd zijn, op het ontwikkelingsidee van de 19e eeuw, dat patriarchaal en moraliserend was. Op deze wijze wordt de esoterische grondbetekenis van het sprookje versluierd, die zo vormend en voedend is voor jonge mensen. Ik denk niet dat dit de bedoeling is. Het wordt tijd dat binnen de vrijeschoolwereld de moed ontstaat om weer nieuw naar de esoterische grondbetekenis van het sprookje te kijken. En dan vanuit de tijdgeest van dit moment, die om gelijkwaarigheid van de vrouw en de man, van het vrouwelijke en het mannelijke vraagt.”

“IJzeren Hans is een geweldig sprookje, zonder gruwelijkheden.”

“Mooie discussie! Ik vind de beelden van sprookjes ook echt gruwelijk en vertelde het anders aan m’n kinderen. Ik vind vooral hoe vrouwen neergezet worden moeilijk te verteren. Dat ze altijd maar gered moeten worden door een prins.

Aan de andere kant: als kind vond ik sprookjes fantastisch en had ik niet zo’n last van de gruwelijke beelden… Moeilijk te bedenken wat nou goed en passend is.”

“Rafelkap en andere verhalen, van feministische uitgeverij Sarah. Prachtige bundel met sprookjes uit de hele wereld met daarin prinsessen en andere vrouwen in de hoofdrol en mannen in glorieuze bijrollen. Zo waardevol en bekrachtigend in deze tijd voor meisjes én voor jongens. Onze eersteklas juf vertelde op de eerste dag een prachtig zelfgeschreven sprookje waarin de de prinsessen wat angstig waren, want “ja, dat zijn meisjes vaak” en waar de prinsen de moedige stappen namen en de koning zijn kinderen op de wijde wereld in stuurde (een prachtige metafoor voor de kleuters die de veilige kleuterschool/paleistuin verlieten voor de eerste klas), maar waar was de koningin? Rafelkap en andere verhalen staat boordevol grappige en wijze verhalen en metaforen die een ruim tegenwicht kunnen bieden aan de toch nogal gruwelijke en vrouwonvriendelijke / rolbevestigende sprookjes van Grimm en consorten. Nieuw niet meer te krijgen maar wel nog tweedehands. Een aanrader.”

“Sprookjes evalueren prima, sprookjes emanciperen helemaal oké, sprookjes qua taal moderniseren zeker doen. Maar ik maak mij wel zorgen om het feit dat tegenwoordig lekker griezelen niet meer mag….. Wellicht speelt verfilming en verdisneysering van de verhalen hierin een rol. Kinderen krijgen minder tot geen tijd meer om zelf beelden te vormen en te ‘leven’ met hun fantasiebeelden. Er wordt ook zoveel rationeel aan de kinderen verteld en uitgelegd tegenwoordig. Dat brengt ze te veel in hun hoofd en haalt ze uit hun voelen.Deze twee onderwerpen zie ik als een veel groter probleem dan de rolverdeling en de emoties in de sprookjes.”

“Een kind dat in een kookpot moet is gruwelijk, maar het zit verpakt in de veiligheid van een sprookje. Een voorzichtige kennismaking met de ellende in de echte wereld. Als het kind straks wat ouder is en het ‘echte’ nieuws gaat horen, zit er al een klein vernislaagje ter bescherming, vanwege die boze wolf, die heks en die kookpot. En geef gerust meer aandacht aan de andere sprookjes waar je je prettiger bij voelt. Ik was als kind (nu nog) dol op de gelaarsde kat, die met slimme praatjes zijn arme baasje rijk en gelukkig maakte.”

“Als beginnend vrijeschool ouder, jaaaren geleden, hoorde ik ook over sprookjes als vertelstof voor kleine kinderen. Ik was gewaarschuwd voor gruwelijke scenes en veranderde er zelf soms wat aan. Totdat ik op school hoorde dat het beter was om dat niet te doen en de beelden gewoon te laten staan. Het was Sneeuwwitje, de boze stiefmoeder zou op een vreselijke manier aan haar eind komen, ik hapte naar adem, en dit keer vertelde ik wel de ware toedracht. Mijn destijds kleine dochter slaakte een zucht van verlichting, hehe, zei ze, zo is t goed, en ging heerlijk slapen. Het heeft mij doen inzien, dat kinderen met een heel ander bewustzijn die beelden tot zich nemen, dan wij als volwassenen doen, bij ons zit er al veel te veel ratio tussen.”

“In 1954 kwam ik in de 1e klas (nu groep 3) van de Zeister Vrije School bij juffie von Gleich, die Steiner zéér goed had gekend en had meegemaakt in Stuttgart. En we kregen al die sprookjes, bijna wel elke dag! Denken jullie volwassenen nou heus, dat wij als kinderen bij het open maken van de buik van de wolf van Roodkapje, daar bloederige taferelen zagen? Laat me niet lachen! Wat wij als kinderen beleefden was dit: Roodkapje en de grootmoeder werden door de “jager” bevrijd uit de duisternis van de buik, waarin ze gekerkerd waren, en weer in de wereld van het licht kwamen! DAT beleefden wij! En de stiefzuster van het meisje bij Vrouw Holle, die gloeiende zwarte pek over zich heen kreeg………. denken jullie volwassenen nou heus, dat wij daar brandwonden en verschroeide huid voor ons zagen? Onzin! Wij wisten niet eens wat “pek” was, maar het moest wel erg zijn, na wat dit meisje allemaal fout gedaan had: ze kreeg haar verdiende loon! En zo moeten jullie volwassenen je verdiepen in de waarheidsbeelden van de sprookjes, dan gaat het bij ons kinderen goed. Maar niet met jullie volwassenenverstand alles letterlijk voor je zien vanuit de volwassenen-bril. Want dan gaat het bij ons kinderen helemaal fout. Dan beleven wij de beelden niet, maar de werkelijkheid van het volwassen denken. Bespaar ons dat alsjeblieft en blijf bij de waarheidsbeelden!!”

“Het sprookje waar mijn dochter een nachtmerrie van had vorige week, blijkt wel een sprookje van Grimm: van de wachtelboom. Juf heeft het in twee dagen verteld, de nachtmerrie was in de nacht tussen deze dagen… Als kind heb ik zelf ook een nachtmerrie gehad over de wolf van Roodkapje. Tijdens de koorts. Ik kan me die droom nog stress levendig herinneren. Ik was ook bang voor een ton die wij hadden met een afbeelding van de sprookje er op. Later, als volwassene, droomde ik weer over de wolf. Ik overwon mijn angst en mocht op de wolf rijden. Je zou kunnen zeggen dat het nu een krachtiger voor me is. Dat is volgens mij uiteindelijk de functie van angsten en sprookjes. Alleen zijn wij vergeten hoe daar gezamenlijk mee om te gaan, waardoor we kinderen nu alleen laten met die angsten. Dan kunnen ze, zoals bij mij destijds jaren duren. En dat lijkt me niet echt de bedoeling… Volgens mij laten de ‘hooggevoelige’ kinderen ons zien dat dit geen aangelegenheid is van alleen de juf en de klas, maar van de hele gemeenschap. Dus ook de ouders. Als kinderen de angsten thuis (en op school) ook weer de baas kunnen worden is het een mooie voorbereiding op het leven. Al vind ik het betreffende sprookje dat mijn dochter te horen kreeg wel echt gruwelijk…”

Jaarfeesten christelijk?

2 april 2021

Pasen op de vrijeschoolHoe belangrijk is het christelijke aspect van de jaarfeesten?

De jaarfeesten nemen een belangrijke plek in binnen de vrijeschool. Veel van de jaarfeesten die op de meeste vrijescholen gevierd worden hebben vanwege onze culturele achtergrond een christelijke basis. Daarnaast bewegen de jaarfeesten mee met de ademhaling van de natuur op ons plekje van de aarde.

Maar hoe belangrijk is het christelijke aspect van de jaarfeesten voor de vrijeschool en de ouders die hun kinderen naar een vrijeschool laten gaan?

Lees ook: Zijn vrijescholen religieus?

Klik hier de antwoorden van lezers

“Helemaal niet. Ik heb zelf veel meer met het deel wat over de natuur gaat en de seizoenen. Ook als kind toen ik zelf op de vrije school zat was dat het belangrijkst voor mij.”

“Voor de vrijeschool is het christelijke aspect zeker van belang. Het (esoterische) christendom neemt een dusdanig belangrijke plaats in binnen de ontwikkeling die Steiner doormaakte dat een groot deel van de antroposofie hiermee samenhangt. Op die manier vormt dat deel ook mede het fundament van het vrijeschoolonderwijs. Gelukkig, naar mijn mening, is dit een proces wat meer op de achtergrond speelt dan op bijvoorbeeld een christelijke school. De christelijke feesten zijn vaak spiegelingen van eerder ontstane voorchristelijke tradities. De ijkpunten in het jaar en de houvast die zij geven is dus in die zin voor ons als mensen belangrijker dan de invulling volgens een vaste set regels. Het moet aansluiten bij de culturele wereld en de natuurlijke sfeer en daarom heeft Steiner gehamerd op de vrijheid om de jaarfeesten aan te passen aan het lokale ritme op de plek waar jij bent en de lokale gebruiken. Een school in India of het Midden Oosten kan/zal daar dus heel anders mee omgaan als ze willen dan een school in West Europa. Het is dus niet zo zeer een christelijk en een ‘heidens’ natuurelement in ieder feest, maar deze beide aspecten zijn al heel lang geleden onlosmakelijk met elkaar verbonden. Beide geven een andere blik op dezelfde natuurlijke thema’s en sferen die passen bij de kringloop van het jaar en bij het spirituele aspect achter die sferen. Het christelijke aspect doet dat via een andere dimensies dan het natuurlijke aspect. Op die manier is het christendom in de jaarfeesttradities dus uitwisselbaar met bijvoorbeeld de Islam of het Hindoeïsme die een soortgelijke spirituele dimensie brengen. Welk gevoel ouders hebben bij het Christelijke aspect is natuurlijk persoonlijk voor iedereen. Veel ouders gaan helaas niet de diepte in met de antroposofie ter voorbereiding op‐ of begeleiding van de schooltijd van hun kind. Dat is naar mijn idee een gemiste kans om vele redenen. Eén daarvan is het leren kennen van de plaats en betekenis van de christelijke impuls in het vrijeschool onderwijs en in het jaarritme van de wisselende seizoenen zonder dit ietwat dogmatisch van de hand te doen als oninteressant of onbelangrijk.

De palmpasenstok is trouwens een heel mooi symbool van het samenspel van het spirituele en het aardse/natuurlijke. Het kruis is uiteraard een Christelijk symbool, terwijl de ring veel verder terug gaat. De ring symboliseert de zon en was bijvoorbeeld in de prehistorie bij vele volkeren al een ‘goddelijk’ symbool. Denk bijvoorbeeld aan de specifieke kruisen van de Kelten waar de combinatie kruis en zon ook te vinden is. De stok (het kruis) door de hoepel/ring, zoals vaak bij een palmpasenstok maar ook bij een meiboom is dan weer een vruchtbaarheidssymbool. Een gestileerde samensmelting van het mannelijke en het vrouwelijke in de daad van voortplanting (heb ik dat even netjes verwoord? 😂). Ook deze symboliek gaat veel verder terug dan het Christendom. Het interessante is dat in stromingen van het esoterische Christendom de zonnekracht gelijk wordt gesteld aan de kracht van Christus. De Christus impuls bezielt de aarde, geeft het levenskracht en dat doet de zonne-energie ook. Dat Christus (de zoon) en de zon ooit zo nauw verbonden waren op spiritueel niveau toen de overgang kwam van heidens naar Christendom bij bijvoorbeeld Germanen en Kelten zien we in het Engels, Nederlands en Duits bijvoorbeeld nog terug aan de bewoordingen. Zoon‐zon, sun‐son en Sonne‐Sohn. Kortom, een prachtige dualiteit in energieën die te vinden is tussen het Christendom en het heidendom maar ook tussen het heidendom elders en bijvoorbeeld de Islam of het Hindoeïsme aldaar. De antroposofie stapt daarbij over het idee van geloofsregels opgelegd door priester, kerk of imam heen en reconnects ons met wat ons allen bindt als mens, de natuur en de levenskracht.”

“Een vraag met zoveel dimensies! De jaarfeesten die op de meeste vrijescholen gevierd worden zijn geënt op de christelijke feesten. Pasen, Pinksteren, Kerstmis… het praten over God vader, kindje Jezus, etc. Dan kan het al gauw overkomen dat zo’n school of jaarfeest dus heel traditioneel christelijk gelovig is maar dat is niet zo. Tegelijkertijd is het christendom, en dan het esoterisch christendom, wel degelijk van groot belang binnen de antroposofie omdat het zo’n belangrijk onderdeel is van de diepere antroposofische ontwikkelingsweg. Van Steiner zelf, van de antroposofie en voor ons. Daarbij denk ik niet dat je christelijk moet zijn of geloven om hier waarde in te kunnen vinden.

Steiner benadrukte in zijn voordrachten dat er behoefte was aan een spiritualiteit die alle godsdiensten en culturen kon eerbiedigen en verenigen. Daarbij zei hij: ‘De antroposofie wil niet de plaats van christendom innemen, integendeel, zij zou instrumentaal willen zijn in het leren begrijpen van het christendom.’ Deze visie verdiend natuurlijk veel meer onderbouwing maar dat gaat nu te ver voor deze comment. Meer in de praktijk zou je kunnen stellen dat in de praktische gang van zaken op een vrijeschool de christelijke feesten gebruikt worden als het raamwerk waaraan de volledige ervaringen van die feesten zijn verbonden. Daarbij ligt de nadruk bij de jaarfeesten ook heel sterk op wat er buiten, in de natuur, op dat moment te zien en te ervaren is. Ik denk dat er door de benauwde en negatieve ervaringen met het christelijke geloof van de generaties voor ons (of onszelf) angst en afkeer is ontstaan voor deze religie. Maar daarmee gaan we voorbij aan de kwaliteiten die de christelijke verhalen ons kunnen brengen. En dat kan voor iedereen van willekeurig welk geloof of overtuiging van waarde zijn, net zoals de verhalen van andere religies dat zijn. Het is fijn om te zien dat er steeds meer aandacht komt voor de verhalen uit andere religies binnen de vrijeschool. De vrijeschool Waldorf aan de Werf in Amsterdam Noord, die zich heel duidelijk positioneert als interculturele vrijeschool, viert de jaarfeesten bijvoorbeeld op een heel andere manier, zonder het christelijke raamwerk. Het is heel interessant om te zien hoe dat gaat. En ook de Waldorfschool in Bangkok, waar ik vorig jaar op bezoek was, viert de jaarfeesten zonder de nadruk van het christendom (Thais en Chinees boeddhisme en Shenisme).”

“We zijn compleet door alles wat voor ons was. Onze voor voor ouders. De bijbel staat vol prachtige levenslessen en metaforen waaruit wij lessen kunnen leren. Ik ben niet gelovig in de zin van kerk en naam. Ik geloof in het eb en vloed in de mens, alles wat je leert en alles wat je voelt maakt jou. Heel licht vertel ik in de klas over Jezus die eigenlijk verraden was door z’n vriend en toch niet boos werd. En ik vertel over de natuur en over hoe heel lang geleden de lente zo belangrijk voor de mens was omdat ze het in de winter zo slecht hadden. In les geven bied je aan en het is aan de kinderen wat zij ermee doen. Niet zwaar maar licht. Ik werkte 35 jaar op een reguliere school en nu op de vrije school en eigenlijk heb ik het zo altijd verteld. Ik werkte in Rotterdam en in alle geloven die ik daar tegenkwam was de liefde, het licht , vergeving en zorg voor elkaar de rode draad. Elk geloof, de natuur, licht en liefde”

De extra's van de vrijeschool

26 maart 2021

Wat kan je op een vrijeschool extra leren, wat je op een gemiddelde reguliere school niet leert?

Ouders kiezen voor de vrijeschool in de hoop dat kinderen iets juist wel (of juist niet) leren. Maar wat zijn nou eigenlijk die verschillen? Wat is nou volgens ouders het grootste verschil tussen een vrijeschool en een gemiddelde reguliere andere school? En wat zijn nou de voordelen, de extra's die kinderen leren waardoor je voor het vrijeschoolonderwijs kiest?

Hoe ik dit plaatje knutselde zie je hier.

Klik hier de antwoorden van lezers

“Mijn ervaring na de overstap van regulier naar vrijeschool onderwijs (als leerkracht): Mee kunnen gaan in de stroom, een hechte groep kunnen vormen, verhalen uit de hele wereld leren, jezelf presenteren voor een groep (kindspreuk, ieder jaar toneel), een sterker gevoel voor het ritme in een dag dankzij alle spreuken die een dagdeel markeren en het ritme in een jaar dankzij de jaarfeesten. Dat kunstzinnigheid geen ‘leuke’ les op vrijdagmiddag is, maar essentieel. Veel meer aandacht voor het aanleren van een techniek, materiaal of ambacht. Hoe om te gaan met dieren en de natuur. Jezelf verhouden tot de wereld.”

“Ik kom zelf uit het reguliere onderwijs en de standpunten die ik hoop de te ervaren en zien als mijn kindeke naar de vrije school gaan is dus die opgroei tot zelfstandig denkend persoon, hoofd, hart en handen❤️🙌ik zie weinig tot niks.. persoonlijke ontwikkeling ruimte in het reguliere onderwijs en dit was ook doorslaggevend om ANDER onderwijs te zoeken voor mijn(ons) kind”

“Wij hopen dat onze meisjes leren creatief met vraagstukken om te gaan. Buiten de gebaande paden (blijven) gaan. Slim zijn is zoveel meer dan cognitieve kennis.”

“Ik denk dat je extra leert dat je leeft met het ritme van de natuur.”

“Ik hoop dat mijn kind alles om hem heen in harmonie leert te respecteren en de praktische vaardigheden daartoe ontwikkelt.”

“Aan het leerplan ligt een visie op de ontwikkeling van de mens ten grondslag. Waarom doe je iets op een bepaalde leeftijd? Mooi voorbeeld is het rekenen met breuken en het zingen van canons, waar je mee begint in de vierde klas. Dat hangt met elkaar samen.

“Ik vind het zelf altijd zó bijzonder dat er zo’n verbinding kan zijn als ik een ander mens dat op de vrijeschool gezeten heeft tegen kom! Natuurlijk meteen samen zingen, maar ook zo veel herkenning van de vakken en lessen! Heel vaak word ik ‘herkent’ als vrije scholier, maar als ik vraag waar dat ‘inzit’, is er geen duidelijk antwoord. Mijn wens is openheid naar alles en jezelf toe, nieuwsgierigheid, een kindertijd om te spelen en ontdekken, en jezelf durven te laten zien (ook al is het niet je beste kant). Maar ik weet niet wat een ‘gemiddelde reguliere school’ doet, daar heb ik geen ervaring mee.”

“Ik ben in groep 5 naar een reguliere school gegaan. Het grootste verschil vond ik het leren door te doen en ervaren op de vrije school en het leren uit boeken op de andere school. En daarnaast inderdaad veel minder kunstzinnige vakken. Bij mij was het wel noodzaak want voor het goed leren lezen en rekenen was de vrije school niet de juiste plek voor mij, ik kon eind groep 5 nog nauwelijks lezen en rekenen onder de 20. Uiteindelijk naar het vwo gegaan dat was zonder die overstap niet gelukt denk ik. Ik heb het wel over 30 jaar terug, nu is er ook voor kinderen die moeite hebben met lezen veel meer aandacht.”

“Ik hoop dat mijn kind alles om hem heen in harmonie leert te respecteren en de praktische vaardigheden daartoe ontwikkelt.”

“Ik ben nog maar een beginner (zoontje op antroposofische kinderopvang) en heb toch al het gevoel dat ik niet alleen mijn zoontje een prachtige ervaring bied maar ook dichter bij mezelf kom, als moeder, als pedagoog en als mens. Ik vind deze nieuwe vrijdagtraditie hier dan ook heel fijn!”

“Een goede verbinding tussen hoofd hart en handen. Concrete kennis is steeds minder waardevol (je zoekt alles zo op), maar stevig in het leven en in verbinding met jezelf staan zijn de vaardigheden die de komende generaties nodig hebben! Het goed je grenzen aangeven, tot jezelf kunnen komen, niet zo snel in de stress schieten en het leven in seizoenen en de samenhang daarin zien zijn voor mij de belangrijkste redenen om voor de vrije school te kiezen. Een niet-prestatiegerichte basis en (zelf)vertrouwen in de wereld zijn wat mij betreft echt onmisbare onderdelen van toekomstig (persoonlijk) leiderschap – of dat nu in een carrière of het leven in het algemeen uitgelegd wordt.

“Handwerken. En niet alleen omdat je dan je eigen sjaal kan breien of eigen sloffen kunt maken, maar handwerken zorgt ook voor een goede samenwerking van beide hersenhelften, ontwikkelt je creativiteit en werkt daarbij ook ontspannend, en het is voor jongens net zo leuk als voor meisjes. Én wat ik ook waardevol vind is dat je op een vrije school ook leert/ervaart dat je je heel prima kunt vermaken zonder dat daar een beeldscherm aan te pas hoeft te komen.
“Op een leuke manier leren rekenen. Klappen, stampen, opzeggen….. Breuken leren door appeltaarten te bakken en te verdelen. Hoe groot deel wil jij van de pannenkoek… Inzichtelijk maken. Doormiddel van koken de inhoudsmaten leren. Wat dacht je van de toneelperiode. Niet alleen een eind toneelstuk. Ze beginnen al bij de kleuters. Welke rol heeft het kind nodig. Zo kan ik nog wel even doorgaan.”
“Dat de lesstof ontwikkelingsstof is en dat je je dus aan de mooie verhalen en thema’s ontwikkelt tot vrij mens. Dat deze stof zo ontzettend mooi uitgedacht is dat het kind indirect leert om te gaan met de uitdagingen en schoonheid van de betreffende levensfase. Verder het aanspreken van hoofd, hart en handen. Elk kind heeft een talent en daar wordt niet alleen rekening mee gehouden, dat wordt ook gecultiveerd door het brede aanbod van vakken en lesstof.”

Zwarte krijtjes in de kleuterklas?

19 maart 2021

Zwarte krijtjesWaarom horen zwarte krijtje juist wel of juist niet thuis in een vrijeschoolse kleuterklas?

In enkele peuter- en kleuterklassen van de vrijeschool krijgen de kinderen geen zwart aangeboden. Vroeger gebeurde dat helemaal niet, tegenwoordig kiezen leerkrachten er vaker wel voor om extra kleuren aan te bieden of in een apart mandje te hebben voor af en toe gebruik. Het kleurenpalet bestaat meestal uit rood, oranje, donkergeel, lichtgeel, lichtgroen, donkergroen, blauw, paars en bruin.

Hoe ik dit plaatje tekende zie je hier.

Klik hier de antwoorden van lezers

“Ik heb zwarte krijtjes in de klas maar ze zitten niet standaard in de mandjes met krijtjes. Wanneer kinderen er om vragen geef ik een zwart krijtje. Uit eigen ervaring weet ik dat met zwart tekenen moeilijk is. Het trekt de aandacht naar zich toe en is vaak bepalend zijn voor de sfeer. Dat zie je ook bij kleuters als er soms per ongeluk een zwart krijtje in een mandje terecht komt. Voor het tekenen van bepaalde details als haren of schoenen: prima om zwart te gebruiken. Je kunt er op verschillende manieren naar kijken. Je kunt ook zo redeneren: niets in de natuur is echt zwart. Is zwart wel een kleur?

“Wij hebben uiteraard gewoon zwarte krijtjes in de klas, de kindjes moeten zichzelf en hun omgeving kunnen tekenen als zij dat willen. De uitleg van de kleur zwart in vergelijking tot wit, volgens (oud) vrijeschool principe, is echt niet meer van deze tijd.”

“Wist je dat kinderen vaak zwart gebruiken wanneer er een overgang in bewustzijn plaatsvind (die fases)! Dit is dus eigenlijk belangrijk en nodig dat ze er wel zijn. Mijn zoontje had laatst ook zo een periode en dat is dan gewoon prima, ik wordt er zelfs blij van want wat een kracht laat hij dan zien! Wij als volwassenen associëren het vaak met iets negatiefs maar is dus niet zo.”

“Ik vind van niet. Ik denk omdat er in de natuur om je heen ook geen of nauwelijks puur zwart te zien is. De kleur zwart heeft voor mij ook een bepaalde uitstraling die ik niet bij het jonge kind vind passen.”

“Zwart is geen kleur. Maar kinderen kiezen m gek genoeg vaak uit zichzelf. Ik had ‘m dus achter gehouden en nu kiest mijn vierjarige altijd bruin 🙈 en noemt hij zwart dus bruin haha 🤔😉😅

Als je kijkt naar de oorsprong van kleuren zijn geel, oranje en rood gefilterd licht, en blauw en paars gefilterd donker. Groen ontstaat tussen licht en donker. Wit in de natuur ontstaat wanneer iets transparants wordt geschaafd, verkruimeld, denk aan ijs en glas. Zwart ontstaat juist bij rotting en verbranding.Vanuit deze gedachte is het begrijpelijk om kleuters vooral met de ‘tastbare’ kleuren te laten spelen en de kleuren die ontstaan uit iets doorzichtigs of een afbraakproces nog achterwege te laten.

In de Vrijeschool en antroposofische kringen wordt er weinig tot geen zwart gebruikt. Soms is het zelf taboe, helaas zonder uitleg. Waarom geen zwart op bepaalde plekken, zoals de basisschool?
Alle kleuren hebben een bepaalde energie, ze werken in op het levenslichaam van de mens. Kinderen tot 7 jaar krijgen deze energie van hun ouders om hun lichaam op te bouwen, tussen de 7 en de 14 jaar gebruiken ze deze energie om te leren en het lichaam te laten groeien. (Ontwikkeling in perioden van 7 jaar)
Zwart absorbeert levensenergie, het is anti-wilskracht. Waar een kleur als rood wilskracht is en oproept, slurp zwart het op en geeft weinig terug. Zwart (geverfde) oppervlakken reflecteren geen licht, niet branden houtskool isoleert sterk. (daarom kan je er over kolen lopen)

Als je zwarte kleding draagt, dan is jou energie moeilijker te ervaren voor anderen, met name kinderen, terwijl juist kinderen zich eraan ontwikkelen. Daarom wil je als leraar vermijden zwart te dragen en in je gebouw te hebben.
In een kunstvak wil je vaak ook de energie van een kind opbouwen, daarom vermijd je zwart. Willen ze expliciet zwart gebruiken, het kan bijna bereikt worden door menging. (wat ook een goede reden is om het niet te hebben.)

“Zwart wordt in verbinding gebracht met dood, maar ook met nieuw begin. Zwart is ook de kleur van de rust en de stilte en het zwanger zijn van licht. Er is rust en stilte nodig om het zaad te laten ontkiemen. Dat gebeurt in een donkere omgeving. Voordat het lente wordt is het eerst winter. Het kosmisch spel tussen donker en licht komt in het beeld van de Zwarte Madonna, de Donkere Moeder tot uitdrukking. Zij vormt de poort naar een toekomst waarin donker en licht wordt geïntegreerd. Zwart is de kleur van het onbewuste, van het intuïtieve, van de rechter Venus hersenhelft die het holisme behoedt. Vaak wordt zwart slecht weggezet. Goed denk ik om in deze tijd ook de positieve kanten van de ‘kleur’ zwart, die alle kleuren inzicht draagt, te zien. Het heeft allemaal met elkaar te maken. Jonge kinderen is ontkieming van nieuw leven en kleur. Die willen deze (eerder omhulde) nieuwe innerlijke kleurrijke impulsen weer graag in de wereld en ook op papier zetten.”

Het plaatje bovenaan met waldorfwoorden is gemaakt door Ton Werinussa, uitgever van vrijeschooltijdschrift Seizoener.

Eén reactie

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gelukt! Je krijgt mail van mij, welkom! (Soms duurt het even en beland in je spamfolder)

Oeps, er ging iets mis.

Everyday Mommyday will use the information you provide on this form to be in touch with you and to provide updates and marketing.
%d bloggers liken dit: